6 augustus 2010

Shimla > Ladakh

Op 14 juni nemen we de bus vanuit Kathmandu tot aan de westerlijke grens van Nepal. Vandaar denken we een 2e bus van een 10-tal uur te nemen. Maar na een paar uur rijden, hebben we door dat ook deze busrit 18 uur zal duren. Dus dit betekent: nog een nacht op de bus! En dit keer hebben we niet veel beenruimte en ook geen stoel die je kunt achteruit klappen... In de plaats daarvan hebben we amper genoeg plaats om met twee te zitten en stopt de bus op ieder uur van de nacht. Swat, we hebben al erger meegemaakt (en de ergste rit staat ons nog te wachten...)! Na 2 busritten van in totaal 36uur komen we –redelijk geradbraakt– toe in Shimla, waar we een welverdiende rustpauze houden. Shimla is zowat het vakantieoord voor rijke Indiërs, wat het voor mij de ideale verjaardagsplaats maakt! Er zijn vele goede restaurants, goede koffiebars en er is een internetconnectie... Ik geniet van een rustige verjaardag vol leuke verrassingen in een gezellige stad.

Onze volgende bestemming is het dorpje Gharoh, niet zo ver van Dharamsala, waar we opnieuw gaan wwoofen. We belanden in een erg leuk boerderijtje ver van de baan, en dus net zoals in Kollur (=onze eerste wwoofplaats in het zuiden van India) niet bereikbaar met de auto: zaaaalig! Na een wandeling door de velden en over een paar irrigatiekanalen, komen we uiteindelijk toe bij een leuk familietje met 2 kinderen, 2 hulpjes (1 voor de keuken en 1 voor de boerderij), de vrouw en de man des huizes natuurlijk en een paar koeien, honden en ganzen. Het domein is prachtig gelegen, met een mooi zicht op de lagergelegen vallei aan de ene kant en de besneeuwde toppen van de Himalayas aan de andere kant. Bovendien groeien ze allerhande gewassen: mango’s, bananen, appelsienen, peren, appelsienen, peren, appels, jackfruit, lichi’s, pompoenen, bonen, komkommer, courgette, aubergine, ladyfinger, ajuin, aardappelen, munt, koriander, rijst... Maar vooral: mango’s! Het is net het seizoen en we eten er dan ook letterlijk kilo’s van! We doen allerhande karweitjes op de boerderij: onkruid wieden, hout hakken, boter en botermelk maken, bonen van hun pel scheiden en in twee breken met een echt old school machien (zie foto’s), de koeien melken en hun dagelijkse bad geven en niet te vergeten: vanalles met mango’s maken, zoals een overheerlijke mango-saus en lekkere mango-ijsjes!

Bovendien hebben we het geluk om de bevalling van een stiertje mee te maken! De bevalling gebeurt over een tijdspanne van ongeveer 3 uur onder een paar mangobomen en is geweldig om te mogen aanschouwen. Het is prachtig om te zien hoe moeder natuur te werk gaat: van een onrustige koe naar een van geluk loeiende en haar jongste telg likkende moeder! “Michael Jackson”, genaamd naar Michael –wat een eer!–, is geboren! (Btw: als we ons voorstellen, zeggen we dikwijls Michael van Michael Jackson omdat het zo gemakkelijker te onthouden is voor hen.)

Verder gaan we ook op daguitstap naar Dharamsala, de thuisbasis van de Dalai Lama, en bezoeken er zijn klooster. We komen hier ook veel te weten over de geschiedenis van Tibet dankzij een choquerende film en een interessante tentoonstelling. Bovendien komen we er ook toevallig Azeret en haar man tegen, met wie we de Thorung La in Nepal beklommen hebben!

Ten slotte wil ik jullie nog het volgende grappige voorval vertellen: Het zigeunermeisje, die het keukenhulpje is, heeft de gewoonte om altijd te tellen hoeveel chapati’s (=soort van pannenkoeken maar niet zoet) elke persoon eet. Als we haar op een avond vragen wie het record in handen heeft, wijst ze doodleuk in de richting van Michael. Hij ontkent echter en blijft volhouden dat hij er “maar” 12 gegeten heeft, en niet 19 zoals zij beweert... Het wordt een hilarische situatie, des te meer omdat de vrouw des huizes “Not be shy”, oftewel “Je moet je niet schamen” tegen Michael zegt en Michaël maar blijft ontkennen. Zijn het er nu 12 of 19? Het zal een misterie blijven, maar het is wel een feit dat Michael verzot is op de kleine ronde “pannenkoeken” en tijdens de laatste weken in India verschillende keren vermeldt dat hij ze toch zo zal missen...

Met spijt in het hart trekken we na een week op de boerderij naar het noorden, in de richting van de bergen, want dit is uiteindelijk de reden waarom we naar India teruggekomen zijn. De meest noordelijke staat van India, nl. Jammu en Kashmir, is qua weersomstandigheden enkel van juni tot september aangenaam om te bezoeken. Daarenboven is de route van Manali tot in Leh, het hartje van Ladakh, enkel sneeuwvrij tijdens deze maanden. Ideaal dus voor ons om deze route nu te verkennen!

In Manali – na de meest verschrikkelijke en overvolle nachtbus ooit! Lees: geen been-en ademruimte– gaan we op zoek naar de perfecte Royal Enfield om ons op dit avontuur te vergezellen. Na een weekje plannen, prijzen vergelijken, inkopen doen... staan we gepakt en gezakt klaar om onze eerst hoge pas, de Rohtang pas (3978m), te veroveren.


1. Pech onderweg ( Manali => Leh)
( 5 – 10 .07.10)

Na een klim van ongeveer 2 uur komen we echter tot de vaststelling dat onze bagage precies wat beweeglijker geworden... En jawel, een van de meest essentiële moeren van het bagagerek is nergens meer te bespeuren! Uit angst dat het rek het nu ook op andere plaatsen zal begeven, beslissen we dan maar wijselijk om huiswaarts te keren... De dag nadien staan we opnieuw klaar om aan onze roadtrip te beginnen, deze keer wel met minder bagage. We beseffen dat we ons misschien net ietsje te veel hebben laten gaan tijdens onze “shopping spree” en laten o.a. de 7 kg (!) aan kokosnoten wijselijk thuis. 2 trekzakken worden uiteindelijk gereduceerd tot 1, met als voornaamste reden dat we tijdens onze “testdag” amper de berg opraakten in 1e versnelling... Men leert uit je fouten, zegt men dan...

Onze 1e dag wordt er alvast een om niet snel te vergeten... Het regent de ganse dag door, waardoor we zo goed als geen zicht hebben op de bergen. Bovendien krijgen we het na een paar uur rijden allebei erg koud: Michael heeft geen gevoel meer in zijn voeten en vingers (ondanks dat hij handschoenen draagt die volgens de verkoper “wind- and waterproof” zijn... “Ja, da zal!”: roept Michael het hier naast me al uit!). Dit maakt het rijden met de moto op zijn minst gezegd wat moeilijker... Om dan nog maar van de banen te zwijgen. Als je het nog banen kunt noemen tenminste! De kleine riviertjes die over de banen stromen, zijn door de serieuze regenval van de laatste 5 dagen omgetoverd tot veel grotere. Dit maakt een zwempartij op ieder ogenblik mogelijk! Bovendien is het overgrote deel niet geasfalteerd, wat in heuse modderstromen resulteert! We ploeteren ons een weg door de modder, de rivieren en de vele stenen... Een beetje verder blijkt ook nog eens dat we een ommeweg moeten maken door een landverschuiving waardoor we de grootste modderbaan/poel in de ogen kijken! Een avontuur is het allesinds, en de adrenaline giert door onze aderen! (Leuk detail: In de 4 jaar dat Michael en ik samen zijn, heb ik nog nooit zo dikwijls weten plaspauzes houden...haha)

Kort na de middag vallen we dan ook nog eens zonder voorrem... Voorzichtig rijden is de boodschap! Gelukkig komen we zonder problemen toe in een klein dorpje MET mechanieker! We laden al de bagage van het bagagerek en wat zien we? Het rek is maar liefst op 3 verschillende plaatsen gebroken EN we hebben 2 moeren en bouten verloren achteraan het rek! De lokale mechanieker last ons rek weer tot 1 geheel (voor de remmen moeten we wachten tot in Keylong, de 1e en enige ‘stad’ tussen Manali en Leh). Ah ja, dan zijn we nog vergeten vermelden dat we ook nog eens de helft benzine van 1 van onze reserve-bidons onderweg verloren zijn... Door een miniscuul gaatje onderaan is zowat 2 liter geniepig weggesijpeld. We kunnen onze vreugde niet onderdrukken als we ’s avonds in een warme kamer met warme douche arriveren. Alles is kleddernat, dus de volledige kamer wordt al snel tot ‘droogkamer’ ingericht. We zijn allebei steendood en slapen bijgevolg als rozekes...

De volgende dag is echter al weer onmiddellijk “back to reality” als de mechanieker ons nu ook nog eens meldt dat ons tandwiel achteraan dringend aan vervanging toe is... Aangezien we volgens hem anders niet tot in onze eindbestemming zouden kunnen raken, vervangt mechanieker 2 het tandwiel en ook de remmen. Na een dag rust en acclimatisatie aan de hoogte kunnen we er weer tegenaan! De zon is ondertussen ook weer van de partij en we genieten met volle teugen van de prachtige omgeving en de gezonde berglucht.

Tijdens de 3e dag rijden we over een erg picturesque, prachtige, machtige pas: de Baracha La (4880m). We cruisen doorheen metershoge muren van sneeuw en zijn omgeven door een prachtig sneeuwlandschap. Eenmaal de pas overgestoken, staan we oog in oog met een prachtig maanlandschap. Elke 50 meter verandert het landschap compleet en kunnen we de vele “oooh’s” niet onderdrukken. We zoeken ons een prachtig kampeerplekje en voelen ons koning en koningin te rijk! Spijtig genoeg komen we al snel tot de constatie dat er opnieuw een moer van het bagagerek spoorloos is... Maar gelukkig kan Michaël dit snel herstellen door een moer van een reservestuk te gebruiken. Als dan ook nog eens blijkt dat het rek nogmaals gebroken is op een andere plaats, wordt er al snel een touw rond gebonden om het rek te verstevigen en de schade tot een minimum te beperken! We zitten hier in Sarchu namelijk in de “middle of nowhere”, en een lasser is hier zeker niet te bespeuren!

Die namiddag wordt onze tent plots omsingeld door honderden geitjes. Het is een prachtig schouwspel! Ook komen we in contact met de 2 herders van dienst. Ze tonen ons fier hun allerkleinste geitjes en krijgen maar niet genoeg van de fotoshoot. Het is een leuke aflsuiter van de dag, die spijtig genoeg ’s nachts gevolgd wordt door een verschrikkelijke hoofdpijn door de hoogte...

De volgende dag rijden we door prachtige landschappen die met geen woorden te beschrijven vallen. De dag verloopt heel goed, maar geen nood, ons ongeluk wordt al snel op peil gehouden: mijn schoenen zijn we onderweg door de “bouncy bouncy” wegen verloren en als kersje op de taart hebben we ook nog eens platte band op de 2e hoogste, berijdbare pas ter wereld (5328m): de Tanglang La. Geen nood, hiervoor hebben we een zak gereedschap meegkregen die de klus zou moeten klaren. En let op m’n woorden: “zou moeten klaren”. Want wat merken we tot onze grote verbazing op? Dat sleutel nummer 24, DE sleutel om een band te vervangen, ontbreekt! Hier staan we dan, met de handen in het haar, op meer dan 5000 meter hoogte en hoofdpijn die bijlange nog niet over is. Wat nu? Gelukkig zien we in de verte plots 2 motards, met sleutel nummer 24, rijden. Ze helpen ons de band vervangen en wij zijn hen erg dankbaar! Nog net voor het vallen van de avond volgt er een zware afdaling, maar al snel kunnen we ons tentje opzetten op lagere hoogte – zodat mijn hoofdpijn kan stoppen– en kruipen we snel onder de wol.

De laatste dag hebben we nog enkel een paar uur rijden voor de boeg, maar wordt het ook zo gemakkelijk als het klinkt? Wat denk je? Natuurlijk niet! Dit deeltje noemt niet voor niets “Pech onderweg”! En hoe kunnen we nu een paar uur rijden als de moto simpelweg niet wilt starten?! Ja, je leest het goed: de batterij is volledig plat! Maar natuurlijk is er geen mechanieker te bespeuren in een straal van 100 km! Gelukkig helpen een paar mensen van het dorp en een paar moniken ons maar al te graag en kunnen we na 2 uur terug op pad. Nu denk je waarschijnlijk te zullen lezen dat we na 5 lastige dagen gelukkig en wel in Leh toekomen? Mispoes! Na amper een half uur rijden, hebben we toch niet alweer platte band zeker?! Gelukkig passeren er opnieuw een paar behulpzame Indiërs die, wonder boven wonder, maar 1 enkel gereedschap bijheeft en dat is toch wel niet sleutel nummer 24 zeker! Dan nog net voor Leh een (hopelijk) laastste en 3e (!) stop bij de mechanieker om onze bandspanning te controleren en dan EINDELIJK verdiende rust in Leh. Eenmaal daar aangekomen, rept Michaël zich vlug naar mechanieker nummer 4, nog net voor ik de kans heb om de moto in de ravijn te gooien!


2. Lamayoehoe! (Leh => Lamayuru => Leh)
(13 – 15.07.10)

We plannen deze keer een veel minder gewaagde rit vanuit Leh op een baan die goed onderhouden wordt door het leger richting het bekende klooster Lamayuru. Na onze pech van de laatste week willen we immers wel eens ervaren hoe het ook anders kan verlopen!

Tijdens onze eerste dag verkennen we –ondertussen trouwens met nieuwe batterij– wat kloosters onderweg en maken we ’s middags een tussenstop in het picturesque dorpje Alchi. Hier bezoeken we het oude Dharma Chakra Monastery, waarna we verder rijden tot op ongeveer 50km van Lamayuru gompa. Het is spijtig genoeg wel een rit met veel wind en zon in de ogen, maar uiteindelijk vinden we toch een goede plaats om ons tentje op te slaan.

Op dag 2 bezoeken we het prachtige klooster te Lamayuru. Eigenlijk is het niet zozeer het klooster zelf dat onze harten verovert, maar eerder de dramatische vallei waarin het klooster gelegen is. De laatste 30km voor de gompa hebben we namelijk een prachtig zicht op de meest spectaculaire “moonscapes” in Ladakh. Klik hier als je even wilt meerijden. We ontmoeten er trouwens ook een groepje boedhisten die een foto meer dan waard zijn.

Tijdens de laatste dag maken we nog een tussenstop in het mooie klooster te Likir en keren we terug richting onze thuisbasis Leh. Gelukkig en wel nu wel onder goede weersomstandigheden. En wat zijn we toch zoooooooooo blij eenmaal terug in Leh, want we hebben nu eens NIETS, maar dan ook NIETS van pech gehad! Ons geluk lijkt gekeerd te zijn!


3. Paradise on 4420m hoogte (Leh => Thiksey => Pangong Tso => Thakthok)
(17 – 21.07.10)

Na een dag rust in Leh vertrekken we richting het klooster van Thiksey. Hier vindt ’s morgens om 6u een bidceremonie plaats die we zeker niet willen missen. Het is de moeite om eens te zien hoe het er aan toe gaat, maar spijtig genoeg is het een toeristisch circus geworden. Het klooster is wel echt de moeite en we zien er o.a. een prachtig, gouden Boeddha-beeld dat wel 15m hoog is. ’s Middags ontmoeten we er 2 BI’s (Bekende Indiërs) die er opnames aan het maken zijn. We hebben er leuke gesprekken mee en lunchen samen. Het is eens wat anders hé, een lunch met Indische beroemdheden! Die avond gaan we naar een lokaal festivalletje waar ze de ganse dag een competitie houden met speer en boog. Er zijn amper toeristen en we zijn blij om eens van de echte Ladakhi sfeer te mogen proeven.

De volgende dag rijden we naar Pangong Lake (4420m). De route is weeral fenomenaal en als extraatje krijgen we ook nog wilde yaks, wilde paarden en marmotten te zien. Maar eenmaal aangekomen bij het meer, valt onze mond pas echt open! Voor ons is het een van de mooiste plaatsen die we tot nu toe gezien hebben, en we beslissen er dan ook nog 2 dagen te kamperen om er door en door van te kunnen genieten, En dat doen we dan ook (ook al vliegt onze tent de eerste nacht bijna weg door een hevige zandstorm!): potje koken, boek lezen, de blog schrijven... en genieten, genieten, genieten en veeel foto’s nemen van de prachtige kleurschakeringen die constant veranderen!
Klik hier wie een kijkje ter plaate wil nemen!

Na 2 dagen luieren, trekken we opnieuw verder, deze keer naar Thakthok, waar een boeddhistisch festival plaats vindt. De hele dag door dansen de monniken in prachtige costuums. Deze costuums, en vooral de maskers, zijn leuk om te zien, maar ze hebben toch nog serieus wat werk aan de choreografie van de ‘dansverhalen’. Een beetje ontgoocheld zoeken we – vroeger dan verwacht– een kampeerplaats met een prachtig zicht over de vallei. Michaël kijkt al serieus uit om de middag met een boek in de hand door te brengen op zijn ‘tot favoriet gedoopte steen’, maar... wordt het niet tijd dat er nog eens iets verkeerd gaat, denk je nu? Want zo wordt ons reisverhaal misschien wat saai? Geen nood, want bij het controleren van ons bagagerek blijkt het OPNIEUW op 4 (!) plaatsen gebroken te zijn! En dat nadat het onderweg naar Pangong Lake ook al eens gebroken was... Zo kunnen we onmogelijk de volgende pas over, want het risico dat het rek dan volledig breekt is te groot. Bijgevolg moet Michaël zijn ‘steenmoment’ opgeven en rijdt hij met spijt in het hart helemaal terug naar Leh op zoek naar een lasser... Eind goed, al goed, en de volgende dag kunnen we er weer tegenaan.


4. Hell of a day! (Thakthok => Sumur)
(22.07.10)

We gaan onze 5e pas over, de Wari La, en genieten we –of wat dacht je– opnieuw van prachtige landschappen. Spijtig genoeg komen we echter al snel tot de constatatie dat de baan bijlange niet in een goede staat is, en zeker NIET 1 jaar oud, zoals ze ons hadden wijsgemaakt! Swat, we zijn er ondertussen wel gewoon aan geraakt om iedere dag een serieuze behandeling op de trilplaat te krijgen, maar de rivieren die we op deze weg doormoeten... die zijn niet niets! Vooraleer we echter de kans krijgen om door de eerste rivier te rijden, beslist meneer de (nieuwe!) batterij om nogmaals te staken! ...ZUCHT... hier staan we dan: achter ons een hoge pas en voor ons een brede rivier, met een godve***mse (sorry voor mijn taalgebruik) moto die weeral voor problemen zorgt... ********... Gelukkig blijkt na wat gepruts dat het enkel een slecht contact aan de batterij en een gesprongen zekering is. Niets dat niet gerepareerd kan worden, GELUKKIG!

Tijd nu om ons aan onze 1e rivier van de dag te wagen! Gelukkig is Michaël ondertussen een pro in het motorijden geworden en geraken we door 3 moeilijke riveren zonder natte bagage! Zo gaan we telkens te werk: Michaël verandert van schoeisel en doet zijn teva sandalen aan. Ik draag botten en en ga op verkenning naar de minst diepe plaatsen. Vervolgens: fingers crossed en GAS GEVEN!
Klik hier voor een droge oversteek!

Terwijl we een beetje verder staan te wachten tot een landverschuiving geruimd is, komt een dorpeling ons vertellen dat er ons – zo fier als een pauw en nagenietend van onze 3 overwinningen – nog een “very dangerous river” te wachten staat. We geven niet al te veel aandacht aan zijn waarschuwing en gaan ervan uit dat het wel weer verkeerde informatie zal zijn... Tot we op 10km voor onze eindbestemming op een gigantische rivier botsen... De rivier is minimum 20m breed en de stroming is te sterk om met de moto door te gaan. Shit, hier kunnen we echt wel niet door... Voor de 2e keer vandaag zitten we met de handen in het haar! Maar nu zo erg dat we echt geen enkele uitweg zien. Een beetje verder zien we een jeep, en we vragen hen of er geen andere weg is. De chauffeur deelt ons echter mee dat de enige terugweg de weg naar Leh is, en dat het onmogelijk is om door de rivier te rijden, zelfs met een jeep lukt het niet. De volledige weg terugrijden??? Dat betekent dat we opnieuw door de 3 rivieren moeten, over de landverschuiving en over de pas naar Leh moeten terugrijden. Een rit – en wat voor een rit!– van 12u staat ons voor de boeg. Tot overmaat van ramp hebben we –voor het eerst sinds ons vertrek uit Manali– eens niets van voedsel mee en is er over de ganse weg geen enkele winkel of restaurant te bespeuren... We zouden, figuurlijk natuurlijk, de nek kunnen omwringen van de Indiërs die ons wijsmaakten dat de weg pas 1 jaar oud is en van de soldaten (die de wegen hier in Ladakh ZOUDEN moeten onderhouden) die ons garandeerden dat de ingestorte brug vermaakt zou zijn en dat we zeker konden vertrekken! De dorpeling van daarnet had dus toch gelijk... Godver***me zeg! Maar wacht eens...had die man nu niet gezegd dat hij ons kon helpen met zijn traktor? Zou... zou dat onze redding kunnen zijn? Plots krijgen we weer een klein beetje hoop. Onze woorden zijn nog niet koud of we horen geroep en gefluit. Zou dat? ... Jawel, een beetje verder zien we de traktor vol fluitende en roepende toeristen die onze aandacht proberen te trekken! We kunnen onze ogen niet geloven! De dorpeling is bereid om de moto op de traktor te heisen en zo kunnen we dan toch over de rivier raken! Hadden we hier een paar uur vroeger of later gestaan, dan zouden we onherroepelijk de tocht van 12u terug moeten doen. Maar gelukkig zijn we hier op het goede moment, en hebben deze toeristen speciaal een traktor ingehuurd om over de rivier te raken. Voor het eerst sinds ons vertrek hebben we het gevoel dat we de grootste gelukzakken ter wereld zijn! Met 4 man heisen ze de zware moto van meer dan 200 kg op de traktor en bereiken we, wonder boven wonder, de overkant van de rivier! Nubra Valley, geloof het of niet, maar we komen er dan uiteindelijk toch aan!


5. Great Ocean of Wisdom (Sumur => Diskit => Leh)
(23 – 25.07.10)

Nubra Valley betekent groene vallei en dat is het ook. Het is merkelijk groener dan de rest van Ladakh, maar in het algemeen ontgoochelt de vallei ons toch een beetje. Enkel het klooster van Sumur en de woestijn weten ons te bekoren. Het is een speciaal zicht om een woestijn met kamelen te zien omringd door een maanlandschap. Maar de reden waarvoor we speciaal naar deze vallei komen is niemand minder dan de Great Ocean of Wisdom himself oftewel de Dalai Lama. Hier hebben we het geluk om hem een nieuw standbeeld te zien inwijden. De man die uit zijn eigen land is moeten vluchten door de bezetting van China en nu Tibet terug probeert op te bouwen in en rond Dharamsala weet alle harten te bekoren en heeft, zoals verwacht, ongelooflijk veel charisma. Als afsluiter rijden we over de hoogste, berijdbare pas ter wereld: de Khardung La (5600m). Onvergetelijk!


6. Het geluk lacht ons toe (Leh => Manali)
(27 – 31.07.10)

We ervaren de rit terug naar Manali op een volledig andere manier dan tijdens de heenreis. Deze keer kunnen we volop genieten van de prachtige natuur die ons omringd zonder kopzorgen over de moto. Onze pech wordt beperkt tot de volgende onbenulligheden: we hebben regen tijdens de eerste dag, de 2e dag kunnen we nog net voor het vallen van de eerste regendruppels onze tent opzetten en we worden opgehouden door een landverschuiving. Maar voor de rest lijken alle andere chauffeurs pech te hebben en wij eens NIET! We kunnen een immense file voorbij steken die ontstaan is door een landverschuiving. Bovendien moeten we nog een uur wachten omdat het leger een camion, die in de ravijn gestort is, ‘probeert’ weg te takelen en passeren we ook nog een jeep en een 2e vrachtwagen die in de ravijn gestort zijn. Vervolgens hebben veel bestuurders een platte band en passeren we nog een landverschuiving en een omgekantelde vrachtwagen. Maar het meeste medelijden hebben we dan toch met mensen die hun moto noodgedwongen moeten achterlaten en met de 2 jongens die hun Royal Enfield niet meer kunnen starten en de helft van hun bagagerek simpelweg verloren zijn! Zeiden we nu net dat we medelijden hadden? Hmmm... stiekem zijn we toch vooral blij dat wij deze keer gespaard blijven van dit alles! Het geluk lacht ons eindelijk toe!



Wist je dat?

- Onze moto telkens door het asfalt zakte als we hem op zijn pikkel zetten?

- Onze Royal Enfield telkens omsingeld werd door een groepje Indiërs die graag deden alsof de moto van hen was door er stoer op te gaan zitten of ernaast te gaan staan?

- Gelijk welk voertuig heel wat moeilijker start op grote hoogte door de ijle lucht?

- De Indiërs in Ladakh veel vriendelijker en oprechter overkwamen dan in de rest van India?

- We pas 3 weken na onze eerste dag op de moto opnieuw een normaal gevoel in onze vingertoppen terugkregen?


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Wie wil reageren...laat je maar eens goed gaan!