Na vier dagen reizen per boot, vliegtuig, trein en bus, bevinden we ons nu in het tegenovergestelde landschap van paradijselijke stranden op de Andaman Islands: de Himalayas, ofwel het dak van de wereld! We wagen ons aan het Annapurna Circuit, een 16-daagse trektocht die de Marsyangdi Khola rivier volgt langs de Annapurna Range met als hoogtepunt de Thorung-La pas, een beklimming van maar liefst 5416 meter hoog!
Hier staan we dan, aan de voet van het Himalaya gebergte, aan het begin van het Annapurna Circuit. Michael ziet het groots, want maar 5 à 6 uur per dag stappen, “dat is peanuts in vergelijking met de trektochten die we in Zwitserland deden”, denkt hij. Hij heeft een uitdaging nodig, dus we beslissen om “wat” (uhum) eten mee te doen, om zo wat te besparen op het dure eten in de bergen. Dus hier staan we dan, gepakt en gezakt met – hou je vast– 6kg muesli; 0,5 kg melkpoeder; 800gr snoep; 500gr koeken; 2 broden; 1 pot peanutbutter; 6 rollen wc-papier, 2 zakken notenmengeling; 2kg noodles; 0,5 kg ananas, en dat was het zowat wat betreft eten. Daarboven komt nog al ons toiletgerief, warme kledij, slaapzakken, een zakmes, leesboeken... Een uitdaging wordt het dus wel voor Michael, die met een zak van meer dan 20 kg vertrekt (!). Op dag 2 beseft hij maar al te goed wat voor een uitdaging het zal worden... Op zijn heupen komen na dag 2 namelijk een aantal schaafwonden te voorschijn! (En Michael die anders nooit blaren krijgt, kan er nu ook niet onderuit...). Hij beslist dan maar om met een handdoek in zijn broek te lopen om zo de druk op zijn heupen wat te verminderen... Ik kan een stiekeme glimlach niet onderdrukken...
De eerste dagen wandelen we door prachtige groene valleien die ons aan onze eigen Franse Alpen doen denken, maar met een compleet andere sfeer natuurlijk. De vele bruggen over de rivier zijn versierd met Tibetaanse vlaggetjes en hoe hoger we komen, hoe meer boeddhistische gompa’s we zien. Na een paar dagen stappen, kunnen we de eerste besneeuwde bergtoppen zien en krijgen we voor het eerst het gevoel dat we in het berglandschap komen dat je associeert met de Himalayas. Spijtig genoeg verandert het stralende weer van de 1e dagen nu in wat meer wind en bewolking en moeten we voor het eerst in maanden onze pull bovenhalen. De moed zakt ons wat in de schoenen, alhoewel we wisten dat dit het risico was van een trekking in de meimaand. Veel minder toeristen (in het hoogseizoen ong. 500 mensen per dag!), en dus bijgevolg niet het gevoel in een rij toeristen te lopen, maar wel meer kans op slecht weer... Bovendien willen onze voeten niet meer mee en krijgen we beiden te kampen met vele blaren. Toch blijft het landschap enorm fascinerend en verandert het na elke bocht.
Op dag 4 en 5 begint onze nieuwsgierigheid de bovenhand te krijgen bij het zien van stukken bergen, maar verstoppen wolken nog steeds het grootste deel van de pracht en praal. We wandelen langs erg impressionante rotsformaties, waaronder Pagunda Danda Rock face, een fantastisch resultaat van erosie door een gletsjer. We passeren ook vele mooie bergdorpjes, ontmoeten vele lieve Nepalezen en zwaar beladen porters. Het enige die ons tijdens die eerste dagen een beetje stoort, is het aanleggen van een baan, waardoor we soms niet echt het gevoel hebben op een bergpaadje te wandelen, maar eerder op een gravel road... Zoals overal ter wereld het spijtige gevolg van het opkomende toerisme... Maar gelukkig is er van dat alles na een paar dagen geen spoor meer te bekennen.
Op dag 5 staan we voor een dilemma: ofwel stoppen we in het dorpje Upper Pisang, ofwel stappen we nog 2 uur langer door tot in Gyaru. De steile klim van 2 uur is optioneel en enkel de moeite als het mooi weer is... en nu is het serieus bewolkt... Wat wordt het? Gaan we de zware klim aan met risico op geen zicht of gaan we positief denken en hopen op beter weer? Het wordt het laatste en 2 uur later komen we al puffend toe in het pittoreske, kleine dorpje Gyaru. De guesthouse is heel basic en het wordt een van de koudste douches ooit, maar we hebben er wel een erg grote kamer met een groot venster. Voldaan na onze lange en lastige wandeldag genieten we op het terras in onze warme slaapzak van een lekker noodlesoepje, een ‘milk tea’ en een ‘swiss rosti’ ( soort dikke pannenkoek met aardappelen). Zalig... En het wordt nog zaliger als het wat begint op te klaren en we de eerste, kleine stukjes van Annapurna II en III zien. We reppen ons vlug naar onze kamer en gapen met open mond naar het schouwspel van dansende wolken met hier en daar een stukje besneeuwde bergtop. Na 5 dagen stappen wordt onze nieuwsgierigheid nu echt wel groot en staan we te popelen om de eerste ‘giants’ van de Himalaya te mogen gadeslaan. Plots zien we – veel hoger dan we verwacht hadden – een piek opdoemen. En wat voor een piek! Zo hoog!!! We bevinden ons nu al op 3730 meter hoogte en de Annapurna II ( de 2e grootste van de Annapurna Range) is er wel 7937 meter! Als twee kleine kinderen stralen we van geluk en genieten we van elk klein stukje berg dat we nog meer te zien krijgen. De voldoening na de steile klim is groot...
We gaan de nacht in met een klein hartje, hopend dat God onze gebeden op mooi weer aanhoort... Door de spanning wordt Michael ’s nachts zelfs verschillende keren wakker om toch maar iets meer van de bergen te kunnen zien, maar helaas... de zon is nog niet van de partij. De ochtend nadien word ik om 5u door Michael bruusk wakker geschud, en waarom? Nadat ik de eerste zonnestralen op de pieken van de Annapurna Range zie, begrijp ik al snel de reden. Voor ons zien we een helderblauwe hemel, er is geen wolkje aan de lucht en amaaai... de bergen zijn nog veel mooier en impressionanter dan we het ons ook maar durfden voorstellen. Het wordt een onvergetelijke dag met prachtig weer en prachtige zichten de hele tocht door. Dit is het 5 dagen stappen echt wel waard... De hele dag door voelen we ons de grootste gelukzakken ter wereld: we wandelen op een van de mooiste plaatsen ter wereld en hebben stralend weer. En wat het nog zo veel leuker maakt, is dat we het pad volledig voor onszelf hebben en er geen 500 toeristen passeren (dit trouwens al vanaf dag 1)! Dit is het Nepal waar we zo lang naar verlangd hebben... ZALIG!
Na deze ongevetelijke wandeldag komen we toe in Manang, een dorpje op 3500 meter hoogte en de ideale plaats voor een rust- acclimatisatiedag. Vanaf 3000 meter hoogte heb je namelijk wat tijd nodig om te acclimatiseren aan de grote hoogte, om zo hoogteziekte te vermijden. Manang blijkt de ideale plaats voor die dag, want al snel lopen we een paar oude bekenden van de Andaman Islands tegen het lijf, waaronder Miika uit Finland! We kopen er een voorraad aan sporttape voor onze blaren en schaffen handschoenen en warme fleece aan voor onze grote klim richting Thorung La. De 2 volgende dagen worden opnieuw onvergetelijk: het weer blijft meezitten en we genieten van vele prachtige zichten. Kijk gewoon naar de fotos en je begrijpt onmiddellijk waarom. We hebben ook het geluk om een tiental erg grote vogels (soort van gieren) van heel dichtbij te zien. Een onbeschrijflijk gevoel... Ook vele zwaar beladen ezeltjes, kuddes berggeitjes en enkele yaks kruisen ons pad in dit prachtige stukje natuur.
Na 2 dagen geleidelijk aan klimmen om zo goed mogelijk te acclimatiseren aan de hoogte, komen we aan in Thorung Phedi. Phedi betekent ‘foot of the hill’ en daar is het ook, aan de voet van de 5416m hoge Thorung La. Nu begint het spannend te worden, want morgen is het DE dag, de dag waarop we 1 km moeten stijgen en 1,5 km moeten dalen. En op meer dan 4000m hoogte met veel minder zuurstof in de lucht is dat niet te onderschatten. De middag voor de grote klim genieten we nog van een zoveelste gezellige kaartnamiddag met Miika en Azeret, een toffe Mexicaanse. En het wordt echt wel gezellig als het bovendien nog begint te sneeuwen ook... Als dit nu maar geen sneeuwbui van verschillende dagen wordt, bidden we opnieuw tot God... Maar wanneer de volgende nacht de wekker om 3u30 afgaat (terwijl Michael eigenlijk alweer een uur wakker ligt van de spanning), springen we een gat in de lucht bij het zien van een heldere sterrenhemel! Om 5u ’s morgens vertrekken we vol goede moed richting de pas. En als je weet dat op zo’n grote hoogte heel traag stappen tijdens een steile klim net zo intensief is als lopen op zeeniveau, dan kun je wel begrijpen dat dit een heel erg intensieve dag wordt. Beetje per beetje gaan we hoger en hoger, en onze inspanningen worden dubbel en dik beloond met prachtige zichten op besneeuwde bergtoppen van de Himalaya! Na 5uur klimmen, samen 13 blaren en wat schaafwonden rijker, en enkele kilos aan eetwaren en twee teennagels lichter, komen we toe op het hoogste punt van het Annapurna Circuit: de Thorung-La op 5416m hoogte! Dat is een hoogteverschil van maar liefst 4000m in vergelijking met het startpunt van onze trektocht! Fier als we zijn trakteren we onszelf op een welverdiende mars- en toblerone bar en genieten we van onze overwinning! We did it!
Na een uur vertoefd te hebben op deze grote hoogte beginnen we beiden last te krijgen van hoofdpijn, 1 van de symptomen van AMS (hoogteziekte). Of hebben we te weinig gedronken en is het eigenlijk een symptoom van dehydratatie? We beslissen dus maar wijselijk om aan onze afdaling te beginnen. En maar goed ook, want de hoofdpijn belist om nog erger te worden en het wordt een helse afdaling voor ons alletwee! Gelukkig gaat de hoofdpijn 5uur later op 3710m hoogte weer weg. We genieten ’s avonds van een welverdiende ‘rasta tea’ (in ons Bob Marley hotel de naam voor thee met een “speciaal ingredient”) en yak sizzler. Deze specialiteit van de streek moeten we toch eens geproefd hebben he? Het is trouwens alweer een maand geleden dat we nog vlees aten! Michael spendeert de volgende nacht spijtig genoeg wel op het toilet door een voedselvergiftiging...
De volgende dag wordt onze 2e rustdag, aangezien Michael bijna niet geslapen heeft de voorbije nacht en de rust maar al te goed kan gebruiken. De plaats voor deze rustdag is het dorpje Muktinath dat in een speciale sfeer baadt. Niet alleen komen er van heinde en ver hindoeistische en boeddhistische pelgrims naar dit kleine bergdorpje aan de voet van de Thorung-La, maar bovendien bevindt het zich in een prachtig woestijnachtig landschap dat in schril contrast staat met de sneeuwtaferelen van de afgelopen dagen. Het is op zijn minst gezegd fascinerend...
Op dag 12 beginnen we aan de afdaling maar het slechte weer zorgt er al snel voor dat we halt houden in het middeleeuwse dorpje Kagbeni. Het wordt het begin van een zalig namiddagje kaarten (met warme kolen onder tafel om onze voeten warm te houden, gezellig...). De volgende dag beslissen we een kleine afwijking van het circuit te maken en de Golden Hill te beklimmen. De beschrijving op het bord deed ons namelijk al snel watertanden: “...a view up to the border of Tibet...”. En na een erg steile klim/klauterpartij van 2,5 uur valt onze mond gewoon open... De combinatie van een woestijnachtig landschap met besneeuwde toppen op de achtergrond en dit alles met zo goed als 360° zicht is –ja hier ben ik weer – onvergetelijk.... We slapen die nacht in Marpha, een dorpje dat bekend staat om z’n appels. We testen er meteen het hele assortiment uit (want fruit is bijna nergens verkrijgbaar tijdens de trektocht): appeltaart, appel brandy en appel cider... En wat een lekkere cider! We beslissen dan maar om 2 liter te kopen, want aja, onze voorraad aan muesli, noodles... begint serieus te slinken en Michael begint zich zo stilletjes aan een echte porter te voelen! Vanuit Marpha nemen we de bus richting Ghasa, want de winderige en stofferige Kali Gandaki vallei trekts ons niet echt aan. Bovendien is hier ook al een baan aangelegd, wat het zowieso al minder aantrekkelijk maakt. Maar avontuurlijk wordt de busrit wel! Zelfs onze tientallen busritten in Indie zijn niets in vergelijking met deze rit in een bus wannabe four wheel drive! We razen over de meest hobbelige wegen, nemen een shortcut door doodleuk in de rivierbedding te rijden, passeren ravijnen op luttele centimeters en rijden door watervallen om dan op een half uur van onze bestemming gedropt te worden in de ‘middle of nowhere’ omwille van een landverschuiving en de heraanleg van een brug. Wat een rit!
Op dag 15 beginnen we aan het laatste deel van het circuit: Poonhill. Professionele trekkers als we nu zijn (uhum), doen we de klim van 2km nu slechts op 7uur, maar eenmaal de top bereikt, zien we spijtig genoeg niets anders dan wolken... We beslissen dan maar om een dagje te wachten en te hopen op beter weer. En dat krijgen we dan ook! Op 3200m hoogte krijgen we een mooi overzicht over een deel van de Annapurna Range en de 7e hoogste berg ter wereld: de Dhaulaugiri. Maar door de grote groep toeristen en een zicht dat bijlange niet kan tippen aan onze Golden Hill, zijn we niet echt overtuigd en krijgen we honger naar meer. Dus waarom dan niet aan een 2e trekking beginnen? Annapurna Sanctuary, we komen eraan! Deze trek sluit perfect aan op het circuit en gaat tot in het hart van de Annapurna Range. De drie daaropvolgende dagen wandelen we door prachtige bossen richting Annapurna Base Camp. En opnieuw is het landschap zo verschillend dan alle andere bossen die we voorheen gezien hebben: het is een heel erg vochtig en groen bos met veel mossen. Bovendien wandelen we in het begin ook door de wolken, wat het bos een spookachtig tintje geeft.
Op dag 20 rest er ons enkel nog een klim van 2uur. We beslissen om ’s morgens vroeg te vertrekken, om zo voor te zijn op de wolken. En dat blijkt een slimme beslissing, want 2uur na onze aankomt op Base Camp zit de hele vallei onder de wolken en hebben we dus gedurende de hele tocht naar boven een prachtig zicht: rondom ons bevinden er zich 3 gletsjers en vele hoge pieken. Ik zou het zelf niet beter kunnen verwoorden, dus daarom hier de beschrijving uit de Lonely Planet:“ This trek goes into the centre of the Annapurna Range, a magnificent amphitheatre on a staggering scale. Glaciers and soaring peaks and a mysterious atmosphere create an unparalleled mountain experience.”
Op de terugweg richting Pokhara maken we nog een leuke tussenstop in Jhinu en genieten er van een hotspring midden in de bossen. We hebben de hotspring volledig voor onszelf en samen met Björn en Eddy beleven we er een erg ontspannende welness namiddag! De ideale afsluiter!
Wist je dat:
- Yaks enkel boven de 3200meter leven?
- Ze zowel in Indie als Nepal zakjes water ophangen om zo vliegen weg te jagen?
- Michael in de Andaman Islands door een wilde hond gebeten is? Gelukkig gedraagt hij zich voorlopig nog niet zo dol als een hond...
- Bamboe zodanig stevig is dat ze het hier gebruiken om stellingen mee te maken?
- Porters tussen 100 en 150 kg op hun rug dragen? Geen wonder dat ze erg traag wandelen...
- Michael zijn eigen muts crocheerde...
- je hier moet klikken als je ook eens in de Annapurna Base Camp wilt zijn...
29 mei 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Wat was me dat een streling voor het oog, ik sla op hol bij het lezen en daarna wordt ik wild bij kijken naar de foto's. Nog heeeel veel genot en plezier met jullie tweetjes daar! groeten Karel
BeantwoordenVerwijderen